Gepubliceerd op 7 januari 2021

NOVAK DJOKOVIC & DE ZUSTERS WILLIAMS : Wie het kleine niet eert…

Delen op

Niemand had het zien aan- komen. Marco Cecchinato – auteur van een onnavolgbaar grandslamparcours waarin hij twaalf keer in de eerste ronde verloor maar in Parijs in 2018 de laatste vier haalde – had dan wel David Gof n geklopt in de derde ronde van Roland Garros maar tegen de Servische win- naar van de editie 2016 ging zijn avontuur toch ten einde komen. Niet dus. De 25-jarige Italiaan verraste vriend en vijand én Djokovic in vier sets. Dat kwam hard aan bij ‘Nole’. Hij ging als een speer van de baan en rechtstreeks naar de interviewruimte om zijn persconferentie zo snel mo- gelijk achter de rug te hebben. Daar was niet iedereen op voorbereid aan de Porte d’Auteuil. Zeker de orga- nisatie niet, die hem nog wel in de grote zaal aankondigde maar de cha- os niet kon tegenhouden. Djokovic kwam via een smal gangetje uit aan de kleinere ‘salle deux’ en stormde zonder verwijl binnen, zijn begelei- ders verbouwereerd achterlatend. De spurtende journalisten – in Parijs waren de perszalen tot twee jaar geleden over twee verdiepingen ver- deeld waardoor sommigen toch wel een eindje moesten lopen – wisten niet wat er gebeurde. 

Zo’n 30 geïnteresseerden vielen haast over elkaar terwijl ze zich trachten binnen te persen in de uitpuilende en veel te kleine ruimte. Daar zat Djokovic al vol ongeduld en chagrijn te wachten om aan zijn discours te beginnen. Medewerkers hadden meermaals aangedrongen dat de meervoudige grandslamkampioen toch zou verhuizen naar de grotere en aanpalende zaal maar zonder succes. Normaliter zijn er voor de grote pers- zalen mensen ter beschikking die het interview (letterlijk) uittikken, verta- len en vijf minuten later verspreiden maar door de wanorde geraakten die zeer punctuele professionals zelfs niet de zaal. Djokovic liet er ook wei- nig gras over groeien. Hij antwoordde kort en kribbig – het geheel duurde niet meer dan tien minuten – en stap- te na enkele vragen in het Servisch gewoon op. Zo ontdook hij wel een boete van 10.000 dollar (als iemand een persconferentie overslaat) maar scoorde hij toch weinig goede punten bij de goegemeente. 

Geen tweede keer zaal twee
Djokovic is natuurlijk niet de eerste sport- man die zijn ontgoocheling niet kan weg- slikken en zichzelf geen cadeau doet door meteen na een nederlaag de pers op te zoe- ken. De zusjes Williams waren enkele jaren terug vaste klanten als het op vreemde, am- betante persconferenties aankwam: Serena antwoordde meestal naast de kwestie terwijl Venus waarschijnlijk het record heeft van het aantal geskipte persverplichtingen. Vorig jaar werd de jongste Williams verrassend in de derde ronde uit Roland Garros geknikkerd door So a Kenin. Ook Serena wilde absoluut snel komaf maken met haar persconferentie en zorgde er zelfs voor dat Dominic Thiem uit de ‘main interview room’ werd gehaald om plaats te maken voor ‘La Williams’. “Ik ben geen junior meer”, fulmineerde de Oostenrijker terwijl hij misnoegd de ruimte verliet. De Amerikaanse superster verklaar- de enkele weken later dat ze gevraagd had om haar ding te mogen doen in de kleinere zaal twee maar dat dit geweigerd was door de organisatie – hun debacle met Djokovic indachtig waarschijnlijk – en dat de Parijse persverantwoordelijken dan maar zelf Thiem aan zijn mouw zijn gaan trekken. Nog ter verdediging van Williams: zij zou gezegd hebben dat zoiets “onbeleefd ten opzichte van Thiem zou zijn, ze hadden hem nooit uit die zaal mogen gooien” en wilde eigenlijk later terugkeren. De waarheid zal mogelijk ergens in het midden liggen. 

Opnieuw de bal misgeslagen
De démarche van Djokovic is natuurlijk zo weinig voorkomend in zijn carrière dat het snel uitvergroot en wijdverspreid werd. Duizenden persconferenties heeft de huidige nummer een van de wereld al gegeven, in niet altijd de jnste omstandigheden of na zure nederlagen en toch heeft hij nooit aan zijn plicht verzaakt. Ontelbare keren zal hij gezucht hebben bij alweer dezelfde vragen of zal hij zijn wenkbrauwen gefronst hebben bij vergezochte complottheorieën of analyses van zijn tennis. Djokovic is zelfs een begena- digd orator die meestal zijn tijd neemt om iedereen van een adequaat antwoord te voor- zien. Hij kan dat in verschillende talen en had een tijdje de gewoonte om op het einde van een tornooi de nog aanwezige persjongens te trakteren op (glutenvrije) chocolaatjes. Op de laatste U.S.Open sloeg hij echter opnieuw de bal mis. Na zijn uitsluiting – Djokovic raakte bij een in woede weggeslagen bal per onge- luk een lijnrechter – vertrok hij onmiddellijk van de site zonder eerst langs de pers te pas- seren, waarmee hij de kans miste om zijn excuses aan te bieden. Eens temeer een niet bijzonder doordachte beslissing. Maar zelfs in dat krappe zaaltje van Roland Garros twee jaar geleden verloor Djokovic niet zijn (zwarte) humor. Toen een journalist hem vroeg of hij ondanks het verlies in de kwart nale toch niet het gevoel had om ‘te- rug’ te zijn – Djokovic was op dat moment de nummer 22 van de wereld en kwam uit een moeilijke periode na zijn elleboogope- ratie in juli 2017 – antwoordde hij ijskoud: “Terug? Ik zit terug in de kleedkamer, ja. Daar ben ik op dit moment.” Hij begon zelfs openlijk te twijfelen over zijn deelname aan Wimbledon dat jaar maar dat was duidelijk een momentopname van zijn frustratie. Djokovic won na zijn Parijse problemen de titel op het Londense gras, zegevierde op de U.S.Open en speelde nales in Paris-Bercy en op de Masters. Hij was vertrokken op een rooftocht die tot op vandaag aanhoudt en moest bijna enkel nog maar vrolijk nieuws brengen op de persconferenties. Alleen op de recente U.S.Open liet hij, door weg te vluch- ten, nog eens een mindere kant van hem zien. Nochtans werden door de coronacrisis alle interviews in New York virtueel via een ‘zoom-conference’ afgenomen. Had hij zelfs zonder enig probleem in zaal twee, drie of vier kunnen plaatsnemen.

Verschenen in Play Tennis 374.